INFO@CONGOINVLAANDEREN.BE

Nieuws uit Nederland : Hedendaags racisme in Nederland ” Vanaf mijn 18e ben ik samen met P., een Zeeuwse jongen van Congolese, Nigeriaanse en Sierra Leoonse afkomst.

0

☻ 68530 x bekijk

100% ☻ 472810 x bekijk
  • ☻ 52068 x bekijk 100 %

hedendaagsracisme-770x470hedendaagsracismeGedurende een aantal dagen heb ik getwijfeld of ik hier wel over moest schrijven omdat ik naar m’n gevoel mijn omgeving de laatste tijd al genoeg tegen me in het harnas had gejaagd. Uiteindelijk realiseerde ik me dat dat de omgekeerde wereld is: je mond houden wanneer het op onrecht aankomt, omdat de ongeïnformeerde meerderheid het niet aankan om de waarheid onder ogen te zien. Dus bij deze. Ik ben namelijk van mening dat de Zwarte Piet discussie symbool is geworden van een veel grotere kwestie: het racisme dat zich nog dagelijks manifesteert in Nederland.

P. en ik

Vanaf mijn 18e ben ik samen met P., een Zeeuwse jongen van Congolese, Nigeriaanse en Sierra Leoonse afkomst. Ik kende hem al jarenlang van gezicht, aangezien we in aangrenzende dorpen op Schouwen-Duiveland, in Zeeland, zijn opgegroeid. Werkelijk iedereen kende P’s naam, want hij was in de omgeving één van de weinige donkere Zeeuwen: en alles wat in Zeeland niet blank is, is al bij voorbaat een bezienswaardigheid.

Ik was destijds wat racisme betreft enorm naïef en was er stellig van overtuigd dat racisme vrijwel volledig was uitgeroeid in ons kikkerlandje. We leefden toch niet meer in de jaren zestig van de vorige eeuw?! Toch was mijn oordeel op niets substantieels gebaseerd: in mijn vrienden- en kennissenkring bevonden zich vrijwel geen medelanders met een ander kleurtje. Terugkijkend had ik beter kunnen weten, zeker omdat ik in Zeeland ben opgegroeid en ik jarenlang aan den lijve had ondervonden hoe bekrompen de mensen hier kunnen zijn in hun gedachtegang.

“Laat haar met rust”

De eerste keer dat ik meekreeg hoeveel racisme er nog aanwezig is in Nederland, was toen hij me vertelde hoe hij een aantal maanden voordat wij elkaar hadden ontmoet in elkaar was geslagen, terwijl hij aan het werk was. P. is DJ en producer en had tijdens Oud & Nieuw 2009 moeten werken in een club in Renesse, het dorp waar ik mijn volledige jeugd heb doorgebracht.

Tijdens zijn pauze had hij een praatje gemaakt met een blank meisje uit de omgeving. Voor haar broer was dit aanleiding om hem te benaderen met de woorden: “Mijn zusje praat niet met negers als jij. Laat haar met rust.” Zoals gewoonlijk hield mijn vriend zich rustig, zoals hij altijd doet in soortgelijke situaties (hoe hij het doet, begrijp ik na vijf jaar nog altijd niet): hij haalde zijn schouders op en ging aan de bar zitten.

Maar daar hield het niet bij op. De agressieve broer van het meisje had inmiddels een stuk of drie vrienden opgetrommeld om de boodschap er bij P. in te komen rammen. Voor hij het wist, lag hij met z’n hoofd op de bar, terwijl er vier grote kerels op hem in stonden te slaan en trappen. Tegen de tijd dat de beveiliging van de club ter plekke was gearriveerd, was P. al buiten westen.

Lafaards!

Mijn oren vielen bijna van m’n hoofd toen ik dit te horen kreeg. Hoe dúrfden ze, die gore lafaards?! Al snel zou ik zelf gaan ondervinden hoe diepgeworteld en geïnstitutionaliseerd racisme werkelijk is in onze samenleving. Ik begon op te merken hoe we in winkels vrijwel altijd door winkelpersoneel werden achtervolgd, zowel in Zeeland als in de randstad: een donker kleurtje hebben is voor veel winkeliers al genoeg reden om er vanuit te gaan dat iemand een dief is. In het begin deed ik het nog af als incidenten, maar dat werd me steeds moeilijker gemaakt. Ik kan me nog herinneren dat we een aantal jaar terug eens erge haast hadden en de bus moesten halen naar mijn ouders: terwijl we langs renden, hoorde ik een groepje mensen schreeuwen: “Die zwarte heeft vast iets gestolen, anders rent hij niet zo hard!” Er werd door iedereen bulderend gelachen. Toen we vervolgens de bus zagen wegrijden, maakte P. een sprintje waarna we alsnog in konden stappen. Eenmaal binnen was P. weer de pineut. Een aantal jongens riepen: “Ik was voor zo’n neger echt niet gestopt als ik die buschauffeur was geweest.” Daarna maakten ze het af door gedurende de rest van de reis luidkeels apengeluiden te produceren.

Steeds meer moeite

Gedurende die tijd begon ik ook in te zien waarom er steeds meer mensen moeite kregen met de racistische karikatuur Zwarte Piet. P. is grotendeels opgevoed door zijn blanke oma, die me eens vertelde hoe hij als kleuter thuis was gekomen na de jaarlijkse intocht van Sinterklaas. Er waren – alweer – opmerkingen gemaakt door blanke klasgenootjes met betrekking tot zijn huidskleur. Zijn klasgenootjes hadden de vergelijking tussen P. en Zwarte Piet gemaakt en vonden dat zeer vermakelijk. Hij was thuisgekomen, had zich in de badkamer opgesloten en kwam daar vervolgens niet meer uit. Zijn oma had na enige tijd besloten de deur open te breken, waarna ze een huilend jongetje vond dat probeerde het ‘zwart van zijn huid te schrobben’ met een schuursponsje. Kinderen zien geen kleur? Helaas is dat een fabeltje.

En steeds meer narigheid

P. kwam op vakantie bepaalde clubs niet binnen (“Sorry meneer, we zitten vol!”, waarna zijn blanke vrienden wel binnen werden gelaten), werd uit het niets beledigd in het openbaar vervoer (in de Rotterdamse metro draaide een meneer zich om, zag ons zitten en zei hardop: “Gadverdamme, weer zo’n zwartjoekel”) en werd op het voetbalveld door ouders van de tegenstander verbaal aangevallen op basis van zijn huidskleur (“Haal die Zwarte Piet neer!”).

Na een jaar of twee had ik alles wel gezien en inmiddels sta ik nergens meer van te kijken. Een wildvreemde, blanke man die me eens benaderde op Amsterdam centraal station vroeg wat ik als blank meisje met “zo’n neger” moest. Een paar maanden terug was P. onderweg naar mij met het openbaar vervoer. Op de vloer van de bus lag wat afval, dat hij opraapte om vervolgens in de prullenbak te gooien. Vanaf de achterbank werd hem, terwijl hij bukte, toegeroepen: “Ja, dat heb je goed opgemerkt! Jouw plek als zwarte in deze wereld is op de grond, onthoud dat maar goed.”

Dikke huid

Mijn vriendje heeft door de jaren heen een olifantenhuid gekweekt, maar dat betekent niet dat het ooit gaat wennen. Toch blijft hij, zonder uitzonderingen, altijd rustig. Meestal is hij degene die míj moet kalmeren in soortgelijke situaties. Zelf zal hij zich nooit uitlaten over dit soort confrontaties, omdat er zo snel wordt gedacht dat je een slachtofferrol aanneemt als donker persoon (oftewel, ‘pulling the racism card’).

Ik hoop uit deze ontelbare, nare ervaringen een les mee te geven aan mijn grotendeels blanke omgeving: dat jíj als blanke Nederlander nooit voorbeelden van racisme meekrijgt, is waarschijnlijk omdat er zich bijna geen mensen van buitenlandse afkomst in jouw sociale kringen bevinden. Beweren dat racisme tegenwoordig niet meer voorkomt in Nederland is een no go wanneer je niets hebt om die vermoedens op te baseren. Racisme viert hoogtijdagen, en nadat de economische crisis Nederland hard heeft getroffen is het nog vele malen erger geworden. Dat jij er persoonlijk geen ervaringen mee hebt, betekent niet dat het zich buiten jouw gezichtsveld niet afspeelt. Probeer dat alsjeblieft te onthouden.

Dit artikel werd ingezonden door Charlotte Simons ©Verdwenen gelijkheid

Delen.

About Author

Comments are closed.

Translate »